WBDBO is misschien wel de belangrijkste afkorting in de passieve brandveiligheid. Het staat voor weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag: de tijd, in minuten, die het duurt voordat een brand zich van het ene naar het andere ruimtelijke gebied uitbreidt. In dit artikel leest u wat de eis inhoudt, hoe die wordt bepaald en wat u moet doen om er aantoonbaar aan te voldoen.

Branddoorslag en brandoverslag: het verschil

Branddoorslag is de uitbreiding van brand door een scheidingsconstructie heen: via een wand, vloer, deur of doorvoer. Brandoverslag is de uitbreiding van brand langs de buitenlucht: van een raam naar het raam erboven, of naar een naastgelegen gebouw. De WBDBO-eis combineert beide routes in één getal.

Welke waarden gelden er?

Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) eist tussen brandcompartimenten in de regel een WBDBO van minimaal 60 minuten, en in een aantal situaties (bijvoorbeeld naar een ander gebouw of bij bepaalde gebruiksfuncties) 30 minuten. Naar een extra beschermde vluchtroute gelden vaak zwaardere eisen. De exact geldende waarde hangt af van de gebruiksfunctie, de bouwhoogte en het bouwjaar; uw brandveiligheidsadviseur of de vergunningstekening geeft uitsluitsel.

SituatieGebruikelijke WBDBO-eis
Tussen twee brandcompartimenten60 minuten
Naar een aangrenzend perceel / gebouw30 minuten (elk gebouw draagt de helft)
Naar een extra beschermde vluchtroute30-60 minuten, afhankelijk van de functie
Binnen een subbrandcompartiment (zorg)20-30 minuten rookwerend, plus eisen aan de deur

Hoe wordt de WBDBO bepaald?

De bepalingsmethode staat in NEN 6068. Die norm vertaalt de brandwerendheid van alle afzonderlijke onderdelen van een scheiding – de wand zelf, de deur, het brandwerend glas, elke doorvoer – naar één gezamenlijke weerstand. Het zwakste onderdeel is bepalend: een 60-minuten wand met een niet-afgedichte kabeldoorvoer haalt geen 60 minuten. Sinds 2020 eist het Bbl daarnaast expliciet rookwerendheid volgens NEN 6075 (de WRD, weerstand tegen rookdoorgang), omdat rook vaak eerder dodelijk is dan vuur.

Waar het in de praktijk misgaat

  • Doorvoeren. Onafgedichte of verkeerd afgedichte kabel- en leidingdoorvoeren zijn verreweg de meest voorkomende oorzaak van een falende WBDBO.
  • Aansluitdetails. De naad tussen een brandwerende wand en de bovenliggende vloer, of rond een kozijn, wordt vaak vergeten.
  • Latere wijzigingen. Eén nieuwe kabel door een bestaande afdichting maakt de certificering ongeldig.
  • Deuren. Een branddeur die door een verkeerd afgestelde dranger niet in het slot valt, telt niet mee.

Hoe voldoet u er aantoonbaar aan?

  1. Breng de compartimentsgrenzen in kaart. Welke wanden en vloeren zijn brandscheiding, en welke WBDBO-eis geldt daar?
  2. Inventariseer elke doorbreking. Elke deur, elk raam, elke doorvoer op die grens.
  3. Herstel met geteste systemen. Product én toepassingswijze moeten binnen de geldige classificatie vallen.
  4. Leg het vast. Per onderdeel: locatie, type, uitvoeringsdatum, certificaat en foto – in een logboek dat u bij een controle in één keer kunt overhandigen.

Dit artikel is informatief en vervangt geen advies voor uw specifieke pand. Wilt u weten of uw compartimentering de vereiste WBDBO haalt? Vraag een inventarisatie aan of doe eerst de gratis quickscan.

Veelgestelde vragen

Dat de scheiding tussen twee ruimtelijke gebieden een brand ten minste 60 minuten moet tegenhouden, gerekend over zowel de route door de constructie (branddoorslag) als via de buitenlucht (brandoverslag).

Nee. De brandwerendheid van de wand is één onderdeel. De WBDBO is de gezamenlijke weerstand van de héle scheiding, inclusief deuren, glas en doorvoeren, bepaald volgens NEN 6068.

Ja. Sinds 2020 eist het Bbl rookwerendheid volgens NEN 6075 (de WRD) naast de WBDBO, omdat rook het grootste gevaar vormt voor vluchtende personen.

Meer weten over brandwerende scheidingsconstructies?

Wanden, plafonds en vlamschermen die uw pand opdelen in veilige, beheersbare brandcompartimenten.

Bekijk deze dienst