Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet en daarmee het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het Bbl bevat verschillende specifieke zorgplichten. Voor brandveilig gebruik voegt artikel 6.4 een aantal zorgplichten uit het oude Bouwbesluit 2012 samen en werkt die verder uit. In dit artikel leest u welke zorgplicht waarover gaat en hoe u kunt vastleggen dat de brandwerende voorzieningen op orde zijn.
Drie zorgplichten, drie onderwerpen
Het Bbl kent verschillende zorgplichten. Artikel 3.5 gaat over de staat van bestaande bouwwerken, artikel 6.4 over brandveilig gebruik en artikel 2.6 over relevante bouwwerkinstallaties. Welke verplichtingen voor een eigenaar, gebruiker of andere betrokkene gelden, hangt af van de situatie.
| Artikel | Onderwerp | Wat het inhoudt |
|---|---|---|
| Artikel 3.5 | Staat van bestaande bouwwerken | De bouwkundige staat van een bestaand bouwwerk mag geen gevaar opleveren voor veiligheid of gezondheid. |
| Artikel 6.4 | Brandveilig gebruik | Wie een bouwwerk gebruikt of laat gebruiken en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat het gebruik tot brandgevaar of een gevaarlijke situatie bij brand leidt, neemt de maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevraagd. |
| Artikel 2.6 | Bouwwerkinstallaties | Installaties die zijn aangebracht om aan de prestatie-eisen van het Bbl te voldoen, moeten goed functioneren en worden onderhouden en gecontroleerd. |
Artikel 2.6 gaat over installaties, zoals een brandmeldinstallatie of brandkleppen die bij een installatie horen. Het is geen algemene regel voor elk bouwproduct. Volgens het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) zijn de instructies van fabrikanten, leveranciers en installateurs daarbij een belangrijk uitgangspunt.
Wat valt onder brandveilig gebruik?
De zorgplicht uit artikel 6.4 geldt naast de concrete gebruiksregels van het Bbl. Ook in een gebouw dat aan de technische voorschriften voldoet, kan het gebruik een gevaarlijke situatie opleveren. IPLO noemt onder meer:
- het laten voortbestaan van een brandonveilige situatie, ook als iemand anders die heeft veroorzaakt;
- onvoldoende controle na het aanbrengen of wijzigen van doorvoeren door scheidingen die brand- of rookwerend moeten zijn.
Dat laatste betekent: controleer na werkzaamheden. Het is geen algemene plicht om elk jaar te inspecteren. Lees de toelichting van IPLO over de specifieke zorgplicht brandveilig gebruik.
Wie is verantwoordelijk?
Dat hangt af van de zorgplicht en de situatie. Eigenaren, gebruikers en verhuurders kunnen elk verplichtingen hebben: de staat van het gebouw is een andere vraag dan het dagelijkse gebruik. In multi-tenant vastgoed is het daarom verstandig om in huur- en beheercontracten vast te leggen wie welke voorzieningen beheert, wie werkzaamheden laat uitvoeren en wie na afloop controleert. Naar elkaar wijzen helpt bij een incident niet.
Hoe legt u vast dat de voorzieningen op orde zijn?
Een algemene regel dat de eigenaar altijd moet bewijzen dat alles in orde is, staat niet in het Bbl. Goede documentatie helpt wel om te laten zien dat de voorzieningen aanwezig zijn, kloppen en worden onderhouden. Leg bijvoorbeeld vast:
- waar de brandwerende voorzieningen zitten (compartimentering, deuren, afdichtingen, kleppen, constructiebescherming), bij voorkeur op tekening;
- welk systeem is toegepast, met de bijbehorende documentatie;
- wanneer controles en onderhoud zijn uitgevoerd, en met welk resultaat;
- dat scheidingen na werkzaamheden zijn gecontroleerd en zo nodig hersteld binnen de toepassingsvoorwaarden van het systeem.
Er is geen wettelijk voorgeschreven vorm. Een logboek is een praktische manier om dit bij te houden. Een digitaal logboek met plattegronden maakt het bij een controle of een vraag van uw verzekeraar snel overzichtelijk. Lees meer over ons digitale logboek.
Toezicht en handhaving
Meestal is de gemeente het bevoegd gezag. De veiligheidsregio of brandweer adviseert en kan, afhankelijk van de lokale afspraken en bevoegdheden, betrokken zijn bij het toezicht. Bij een overtreding kan het bevoegd gezag handhavend optreden, bijvoorbeeld met een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang.
Verzekeraars kunnen daarnaast eigen voorwaarden stellen, bijvoorbeeld over onderhoud en documentatie. Wat dat bij schade betekent, hangt af van de polis.
Twijfelt u of uw dossier compleet is? Een quickscan geeft snel een eerste beeld; een inventarisatie levert het onderbouwde rapport.
Veelgestelde vragen
Ja. Artikel 3.5 Bbl gaat juist over de staat van bestaande bouwwerken, en de zorgplicht voor brandveilig gebruik uit artikel 6.4 geldt ongeacht het bouwjaar. Welke concrete technische eisen voor het gebouw gelden, is een aparte vraag: voor bestaande bouw gelden andere niveaus dan voor nieuwbouw.
Nee, er is geen wettelijk voorgeschreven vorm. Een logboek is wel een praktische manier om vast te leggen waar de voorzieningen zitten, welk systeem is toegepast en wanneer ze zijn gecontroleerd en onderhouden.
Meestal de gemeente als bevoegd gezag. De veiligheidsregio of brandweer adviseert en kan, afhankelijk van de lokale afspraken, betrokken zijn bij het toezicht. Verzekeraars kunnen daarnaast hun eigen voorwaarden stellen.
Meer weten over onderhoud & inspectie?
Periodiek onderhoud en inspectie van uw brandwering, met alles aantoonbaar vastgelegd in een digitaal logboek.
Meer over onderhoud & inspectie


